In de Spotlight

Naam: Hayco Beelen
Leeftijd: 32 jaar
Woonplaats: Wijnandsrade

Ik ben op het platteland (de achterhoek) geboren en getogen en moest altijd ver fietsen naar school, iedere dag zo’n 15km heen en ook weer terug. Altijd op de ”gewone” fiets natuurlijk. Als je dit iedere dag moet doen dan wordt het al snel een sport om zo snel mogelijk van A naar B te komen. Toen ik merkte dat op mijn gewone fiets een groepje wielertoeristen 15km volgen geen problemen opleverde begon ik mij af te vragen hoe dat op een racefiets zou gaan. Toen ik aan mijn moeder vroeg of een racefiets iets voor mij was kreeg ik als antwoord: “Op zo’n fiets zit geen licht en geen slot. Je kunt dat ding moeilijk de klas inslepen. Als je in het weekend ook nog eens gaat fietsen dan verander je nog eens in een stuk metaal met twee wielen.” Tja, dat waren een paar stevige argumenten op een rij.

De volgende dag mijn leraar gymnastiek maar eens gevraagd of mijn toekomstige racefiets iedere dag tussen de bok en de grote mat kon staan. Het antwoord: “geen probleem jongen, alles voor de sport. Wielrennen is echt iets voor jou” Hup, argument één weg. Na school direct naar huis gegaan om mijn zakgeld te halen. Daarna naar de bouwmarkt voor een zaklamp. Ik vroeg aan de eigenaar, in zo’n dorp kent iedereen elkaar, of hij een zaklamp had die tenminste een uur of twee op volle kracht meeging. Antwoord: “Die heb ik wel ja. Waar heb je die voor nodig?” Ik het hele verhaal uitgelegd en daar kwam probleem twee… “Hoe ga je dat dan doen aan de achterkant? Je kunt er moeilijk twee opzetten.” Daar had ik niet aan gedacht. Als je maar lang genoeg zwijgt gaan mensen vanzelf met je meedenken, zeker met een teleurgesteld jongetje van net 12 jaar oud. “Ik heb nog wel iets voor de achterkant” en hij kwam terug met een langwerpige reflector die je normaal voor een aanhanger gebruikt. Twee setjes batterijen erbij en voor een kleine 10 gulden klaar. (die led lampjes van nu had je 20 jaar geleden nog niet….) Huppa: weg argumenten.  In een fiets zou ik wel niet zo snel veranderen en dat improviseren we wel weg. Nu had ik wel een risico genomen, want als ik geen racefiets zou krijgen zat ik met een zaklamp en een reflector in mijn maag.

Die avond aan de eetrafel moest het gebeuren. “Ma, nog even over gisteren. Die racefiets kunnen we gewoon gaan halen hoor. Ik heb een berging voor de fiets op school geregeld met mijn gymnastiekleraar.” Van op mijn schoot pakte ik mijn verlichting en legde dat op tafel. “Verlichting is ook niet echt een probleem zoals je ziet en dat veranderen in een fiets zou mooi zijn want dan hoef ik daarna nooit meer een nieuwe.” Ik bleef naar mijn bord met zuurkool kijken en wachtte in spanning af. Mijn moeder barste in lachen uit. “Ik ben onder de indruk van je regelwerk jongen en nu hebben we wel een beetje een probleem. Als we nu geen racefiets kopen heb je een hoop zakgeld uitgegeven voor niets.” Mijn moeder heeft altijd de gave gehad de vinger vrijwel direct op zere plek te leggen. “Ja, dat had ik mij ook bedacht. Alleen is het wel zo dat er geen enkel argument meer bestaat geen racefiets te kopen, want er is mij altijd gezegd dat spullen welke nodig zijn voor te sporten geen probleem zijn. Mits er natuurlijk goed gebruik van wordt gemaakt. Ik zit momenteel niet op een sport en 30km per dag, nog buiten de sport om, vindt ik goed genoeg. Met zo’n fiets kan ik meteen op wielrennen.” Hier verbaasde ik mezelf eigenlijk ook wel een beetje. Ik geloof niet dat ik mijn moeder ooit zo in de hoek had gekregen. Zelfvoldaan ging ik verder met eten en wachtte de tegenreactie af. Alleen die kwam niet. Sterker nog mijn moeder antwoordde: “Ok, we gaan een racefiets halen.” Ik verslikte me zowat in mijn eten en kon die nacht bijna niet slapen. Zaterdag ochtend met mijn moeder naar de fietsenwinkel in Zutphen.

Het maakte mij eigenlijk niet meer uit wat voor fiets ik kreeg. Zolang het maar een racefiets was. Uiteindelijk werd het een tweede hands Diamond. Versnellingen aan de buis, 16 in totaal! Dat was nog eens een verschil met mijn gewone fiets met 3 versnellingen. Nieuwe leren pedaal bandjes en een gratis bidon houder erop en we konden vertrekken.  Bij het naar buiten gaan kon ik mijn geluk niet op. Ik zei tegen mijn moeder: “Ik ga hem direct eens even flink uitproberen! Ga jij maar met de auto terug dan ga ik op de fiets naar huis. Het is tenslotte maar een kleine 20km.” Zo gezegd zo gedaan en twee dikke kussen voor mijn moeder en we waren vertrokken. De eerste 10km reed ik sneller dan ik ooit had gedaan, maar moest nog wel wat wennen aan de houding en schakelen aan het frame. De tweede 10km  merkte ik dat ik te snel  van start was gegaan en moest rustiger aan doen om wel een goed gemiddelde te halen. Ruim binnen het uur was ik thuis en vanaf dit moment nooit meer gestopt met fietsen.

Hayco Beelen

Naam: Pablo Schmeitz
Leeftijd: 18 jaar
Fietst sinds: 2009
Woonplaats: Sittard

Ook mijn sportieve carrière is begonnen met voetballen. Vanaf mijn 6e tot en met mijn 16e speelde ik in alle jeugdcategorieën en haalde zelfs nog het 1e elftal bij derdeklasser Almania in Broeksittard. We hadden een echt vriendenteam, waarvan de kern al vanaf het begin met elkaar speelde. We wonnen zo vele prijzen, waaronder 2 keer op rij de beker in het district Limburg/Brabant. In de zomervakantie van 2008 ging ik in Benidorm met mijn vader fietsen om tijdens de zomerstop mijn conditie op peil te houden. Ik vond het meteen erg leuk om te doen en ging steeds meer trainen. Na een tijdje ging het niet meer samen en moest ik kiezen tussen voetballen en wielrennen. Ik koos voor het wielrennen!


pablo
Eind 2009 ben ik als eerstejaars junior begonnen met koersen, dat jaar reed ik er 6. Het viel niet mee die eerste koersen, maar ik was ervan overtuigd dat ik na een goede winter in 2010 meer kon laten zien. 2010 was een uitstekend leerjaar, waarin ik veel geleerd heb, maar ook goede resultaten heb kunnen boeken. Zo won ik de Districtskampioenschappen tijdrijden bij de junioren, werd 2e na een zware koers in Flawinne, en behaalde nog 3e plekken in de Ronde van Neer en een klimtijdrit in La Roche. In 2011 hoop ik de stijgende lijn door te kunnen trekken, en TWC Maaslandster lijkt me de ideale ploeg die kan bijdragen aan die ontwikkeling.

Pablo na afloop van de eerste koers van het seizoen 2011. In een nat St.Severin werd hij 50e.

Naam: Wilbert Sijstermans
Leeftijd: 53 jaar
Fietst sinds: 1971
Woonplaats: Landgraaf
Werk: Rd4

Sporten doe ik mijn  hele leven, want al op  jonge leeftijd voetbalde ik  bij voetbalclub  Klimmania, in mijn toenmalige woonplaats Klimmen.  Maar omdat mijn (tweeling)broer en ik opgroeiden in een dorp waar iedereen voetbalde , duurde het nog  tot ons  14de levensjaar voordat de voetbalschoenen definitief werden verwisseld voor de eerste racefiets, de eerste licentie en de eerste wedstrijden.  Dat koersen viel in die tijd erg tegen, ik had de grootste moeite om een  wedstrijd uit te rijden; vaak werd ik gewoon uit het wiel gereden. Maar dat was niet zo verwonderlijk, want in de jaren 70 reden er in het Limburgse wielerpeloton zeer veel sterke amateurs (met profambities).  

Als lid van De Ster uit Geleen ( een van de rechtsvoorgangers van onze vereniging) reed ik de meeste wedstrijden waaraan ik deelnam wel uit, maar  winnen of een top 10 plek was er niet bij.  Soms,  in vakantie periodes  als ik meer tijd kon steken in mijn sport, wilde het wel eens lukken kort voorin te eindigen en dat was natuurlijk geweldig.  Bijzonder in die tijd waren de zogenaamde mijnwerkersrondes, wilde koersen waar iedereen aan kon meedoen zoals in het dorpje Meers, waar ik een keer met een banddikte werd geklopt voor de overwinning. Tijdens mijn verblijf  op de KMA in Breda (1976 – 1980) heb ik de wielervereniging  TWC Avanti opgericht. Met een BWF licentie vervolgens regelmatig in de weekenden deelgenomen aan diverse wedstrijden in het Brabantse land. Gedurende de vijf jaar dat ik aansluitend in op de Veluwe heb gewoond, ben ik lid geweest van wielervereniging  De Ijsselstreek.

wil 
In 1985 ben ik weer verhuisd naar mijn geboortegrond en gaan wonen in Heerlen respectievelijk landgraaf. Hoewel valpartijen in al die jaren niks bijzonders was (elke seizoen was het wel een keer raak),  werd ik helaas op Koninginnedag in 1986 tijdens een trainingsrit op de Baraque  Michel  in België aangereden door een auto.  Na een verblijf van een week in het ziekenhuis nam ik het besluit om te stoppen met de actieve wedstrijdsport.  Bijna 15 jaar heb ik vervolgens geen wedstrijd meer gereden,  overigens ook omdat ik het  in deze de periode van mijn leven het  te druk had met mijn werk en het gezin met drie opgroeiende kinderen. Maar mijn conditie heb ik wel altijd op peil  gehouden met recreatief fietsen op de ATB en het lopen van  halve marathons .

Maar het wielervirus gaat nooit over en in 2001 na een bezoek aan de wielerbeurs in Utrecht, kocht ik weer een mooie racefiets.  Ik werd (en ben nog steeds) lid van het Pro Team Limburg , een zakelijke netwerkclub die fietst voor goede doelen.  Ook begon ik deel te nemen aan de wekelijkse trainingsritten op de banen van Megaland en Geleen.  Dit ging best aardig, waardoor ik in  2005  op aandringen van een oud collega lid werd van de Bergklimmers Stein. En zo reed ik als 40 plusser met een Amateur licentie weer met veel plezier  rond bij de amateurs en veteranen.  Toen ik werd benaderd door het bestuur van TWC Maaslandster om toe te treden tot het bestuur,  heb ik in 2007 de overstap gemaakt naar onze vereniging.  Sinds een aantal jaren  ben ik ook nog voorrijder  op de tandem met Esther Cromag, de blinde juriste uit Berg en Terblijt. Samen rijden we regelmatig op de tandem.  Dat is erg  leuk en stimulerend om te doen. Met Marian Allelijn werd ik in 2008  op Megaland 2de op het NK tandem rijden (een echte zilveren KNWU plak) . En hoewel ik twee jaar geleden  (weer eens) hard ten val kwam op de baan in Landgraaf (met als gevolg een gebroken sleutelbeen en 2 X een opname  in het ziekenhuis )  ben ik na twee weken revalidatie, weer gaan  (wedstrijd) fietsen. Gelukkig ben ik sindsdien blessure vrij gebleven (afkloppen). Tot zover een globaal overzicht  van mijn wielerleven. 

Ik hoop dan ook nog enkele jaren in goede gezondheid op het huidige niveau te kunnen blijven fietsen. Mijn voorbereidingen voor het nieuwe seizoen liggen ondanks het slechte weer, vrij goed op schema dus laat het  nieuwe seizoen maar beginnen.

Wilbert Sijstermans

 

Wie: Bob Martens
Leeftijd: 22 jaar
Fietst sinds: 2009
Woonplaats: Beek
Studie: Journalistiek Rotterdam

bob_martens
Ik ben pas laat begonnen met fietsen. Waarom weet ik eerlijk gezegd niet zo goed. Ik was zoekende naar een sport die bij me zou passen. Zoals bijna elk jongetje ben ik begonnen met voetballen. Dit deed ik zeker niet onverdienstelijk. Ik speelde op het middenveld en zette de lijnen uit. Bij de B-junioren van Caesar speelden we een jaar in de hoofdklasse. Tijdens de KNVB-voetbaldagen in Stein werd ik uitgeroepen tot Koning Voetbal, waarbij alle onderdelen op voetbalgebied werden getest. Toch besloot ik om op mijn 17de te stoppen met voetbal, omdat ik niet afhankelijk wilde zijn van mijn teamgenoten die de sport steeds minder serieus namen.

Daarna ben ik triatlon gaan doen. Via een kennis kwam ik in aanraking met de sport en werd ik lid van triatlonvereniging Stein. Het zwemmen was een drama. Ik had nog net geen bandjes nodig, maar gaandeweg ging het steeds beter. Een echte topzwemmer zou ik nooit meer worden, maar onder leiding van Hein Huntjens en Guido van Weert kreeg ik de zwemtechniek onder de knie. Mijn eerste triatlon in Stein werd ik ruim laatste. Nooit meer, dacht ik. Maar ik bleef volhouden. Ik sloot me aan bij Atletiekvereniging Caesar, waar ik trainde op loopschema’s van Louis Delahaye, nu trainer bij Rabobank. Bij de atletiekclub trainden we met een hechte groep. Elke zaterdag liepen we 1,5 uur in de bossen rondom Elsloo. En ’s middags nog 1,5 uur zwemmen met de triatlonclub. Ik begon ook wedstrijden te lopen en won een enkele. De korte cross van de Kapellerbosloop schreef ik in 2008 op mijn naam. Mijn pr op de 5 km bleef steken op 16.29. Ook won ik een paar triatlonwedstrijden. De triatlon van Eindhoven bijvoorbeeld. Mijn beste prestatie zelf vind ik de 10de plaats tijdens de Europa cup in Holten en een 8ste plaats tijdens de triatlon van Amsterdam (Olympische afstand). Maar te vaak liep ik bij het zwemmen zo’n grote achterstand op, dat ik in het verloop van de wedstrijd achter de feiten aanliep.

Toen ik in 2007 een fietstocht van ruim 2 maanden van Parijs naar Dakar maakte, wist ik dat ik wielrenner wilde worden. In mijn eerste jaar reed ik bij Maaslandster vooral Belgische koersen. Ik reed steevast top-20, maar winnen zat er nog niet in. Ik deed het niet slecht en aan het einde van het seizoen, toen Rob Ruygh stage liep bij Vacansoleil, mocht ik tijdens de Menzis van Keulenomloop zijn plekje innemen bij PPL Belisol. Ik greep die kans met beide handen aan en werd in mijn eerste klassieker 19e. Het jaar daarop bij Parkhotel Rooding reed ik niet de wedstrijden die ik wilde rijden. Voor geen enkele Limburgse klassieker werd ik opgesteld. Dit heeft me doen besluiten naar het elite/belofteteam van Maaslandster te gaan.

Bob Martens

Pagina 2 van 2

2
Volgende
Einde
  • Photo Title 1
  • Photo Title 2
  • Photo Title 3
  • Photo Title 4
  • Photo Title 5